Een geheugendumpbestand genereren als een server niet meer reageert (vastloopt)

Vertaalde artikelen Vertaalde artikelen
Artikel ID: 303021 - Bekijk de producten waarop dit artikel van toepassing is.
Alles uitklappen | Alles samenvouwen

Op deze pagina

Samenvatting

Als een server met Windows NT 4.0 of Windows 2000 niet meer reageert (vastloopt), kunt u een geheugendumpbestand maken om het probleem op te lossen. Wanneer u een geheugendumpbestand maakt, lijkt dat op het afdwingen van een foutencontrole of een Stop-fout op de server.

Als u de in dit artikel beschreven procedure wilt uitvoeren, moet u beschikken over een tweede computer die externe foutopsporingscomputer wordt genoemd, alsmede over een nulmodemkabel.

OPMERKING: If you use Windows 2000, you can transfer the memory from the console. If you use this functionality, you do not have to use a Remote Debugger computer; however, Windows may not create a dump file for the computer each time it stops responding.

Klik op het volgende artikelnummer in de Microsoft Knowledge Base voor meer informatie over het maken van een geheugendumpbestand op een Windows 2000-computer:
244139 Windows Feature Allows a Memory.dmp File to Be Generated with Keyboard

Meer informatie

Procedure op de server

Windows NT 4.0

Ga als volgt te werk op een Windows NT 4.0-server die niet meer reageert:
  1. Klik met de rechtermuisknop op Deze computer en klik op Eigenschappen.
  2. Open het tabblad Opstarten/Afsluiten.
  3. Controleer of het selectievakje Foutopsporingsgegevens vastleggen is ingeschakeld en of de bestandslocatie geldig is.
  4. Sluit de nulmodemkabel aan op de seriële poort van de server.

    OPMERKING: voor de resterende instructies gebruikt u poort COM1. U kunt echter ook poort COM2 gebruiken.
  5. Bewerk het bestand Boot.ini Ga hiervoor als volgt te werk:
    1. Kopieer de normale opstartvermelding en voeg deze toe aan het eind van het bestand Boot.ini.
    2. Voeg de volgende regel toe en markeer de beschrijving als een DEBUG boot:
      /debug /debugport=com1 /baudrate=57600
      Het bestand Boot.ini ziet er dan als volgt uit:
      [boot loader]
      timeout=30
      default=multi(0)disk(0)rdisk(0)partition(1)\WINNT
      [operating systems]
      multi(0)disk(0)rdisk(0)partition(1)\WINNT="Windows NT Server Version 4.00"
      multi(0)disk(0)rdisk(0)partition(1)\WINNT="Windows NT Server Version 4.00 [VGA mode]" /basevideo /sos
      multi(0)disk(0)rdisk(0)partition(1)\WINNT="Windows NT Server Version 4.00 Debug" /debug /debugport=com1 /baudrate=57600
  6. Start de server opnieuw op en klik op Foutopsporingsmodus.

Windows 2000

Ga als volgt te werk op een Windows 2000-server die niet meer reageert:
  1. Klik met de rechtermuisknop op Deze computer en klik op Eigenschappen.
  2. Open het tabblad Geavanceerd en klik op Opstart- en herstelinstellingen.
  3. Klik op Dump van volledig geheugen en controleer of de geheugenlocatie van het dumpbestand geldig is.
  4. Sluit de nulmodemkabel aan op de seriële poort van de server.

    OPMERKING: voor de resterende instructies gebruikt u poort COM1. U kunt echter ook poort COM2 gebruiken.
  5. Bewerk het bestand Boot.ini Ga hiervoor als volgt te werk:
    1. Kopieer de normale opstartvermelding en voeg deze toe aan het eind van het bestand Boot.ini.
    2. Voeg de volgende regel toe en markeer de beschrijving als een DEBUG boot (Foutopsporingsmodus):
      /debug /debugport=com1 /baudrate=57600
      Het bestand Boot.ini ziet er dan als volgt uit:
      [boot loader] timeout=30 default=multi(0)disk(0)rdisk(0)partition(1)\WINNT [operating systems] multi(0)disk(0)rdisk(0)partition(1)\WINNT="Microsoft Windows 2000 Advanced Server" /fastdetect multi(0)disk(0)rdisk(0)partition(1)\WINNT="Microsoft Windows 2000 Advanced Server" /fastdetect /debug /debugport=com1 /baudrate=57600
  6. Start de server opnieuw op en klik op Foutopsporingsmodus.

Procedure op de externe foutopsporingscomputer

Windows NT 4.0 en Windows 2000

  1. Sluit het andere uiteinde van de nulmodemkabel aan op poort COM1 van de externe foutopsporingscomputer.
  2. Installeer de hulpprogramma's voor foutopsporing vanaf de cd-rom van Windows.

    De hulpprogramma's voor foutopsporing bevinden zich in de map Support\Tools op de cd-rom van Windows 2000 en in de map Support\Debug\I386 op de cd-rom van Windows NT 4.0. U kunt de hulpprogramma's voor foutopsporing ook installeren vanaf internet. Hiertoe gaat u naar de volgende website van Microsoft:
    http://www.microsoft.com/ddk
  3. Voer WinDBG uit.
  4. Klik in het menu File op Kernel Debug.
  5. Stel de baudrate in op 57600, stel de COM-poort in op 1, klik op OK en klik op No om de werkruimte op te slaan.
  6. Klik in het menu Debug op Break.
  7. Nadat het bericht wordt weergegeven dat u hebt gedrukt op CTRL+BREAK, typt u .crash.
  8. Klik in het menu File op Exit en klik op No om de werkruimte op te slaan.
  9. Nadat de dump is gemaakt, gebruikt u Dumpchk.exe in de hulpprogramma's voor foutopsporing om de integriteit van het dumpbestand te controleren.
  10. Verzend het dumpbestand voor analyse naar Microsoft Productondersteuning.
U moet wellicht de hoeveelheid fysiek geheugen van de server verminderen om een geldig dumpbestand te maken. Wanneer u begint met het maken van een dumpbestand, wordt de inhoud van het fysieke RAM geschreven naar het wisselbestand dat zich bevindt op de partitie waarop het besturingssysteem is geïnstalleerd. Wanneer u de computer opnieuw opstart, wordt de inhoud van het wisselbestand naar het dumpbestand geschreven. Het fysieke RAM mag niet groter zijn dan 2 GB (gigabyte) om een dumpbestand van het volledige geheugen te kunnen maken. Daarnaast moet het wisselbestand op de partitie waarop het besturingssysteem is geïnstalleerd, ten minste net zo groot zijn als het fysieke RAM plus 50 MB (megabyte). Als u de 2 GB-limiet bereikt of als er onvoldoende schijfruimte is op de partitie waarop het besturingssysteem is geïnstalleerd, moet u het fysieke RAM van de server verkleinen. Daartoe gebruikt u de schakeloptie maxmem in het bestand Boot.ini.

Klik op het volgende artikelnummer in de Microsoft Knowledge Base voor meer informatie over de schakeloptie MAXMEM:
108393 MAXMEM Option in Windows NT BOOT.INI File
Opmerking: als de server over een functie beschikt zoals ASR (Automatic System Restart) op Compaq-computers, schakelt u deze functie uit. De dumpprocedure kan door de betreffende functie worden onderbroken. Op Compaq-systemen kan ASR worden uitgeschakeld in het BIOS. De niet-Microsoft-producten die in dit artikel worden vermeld, worden vervaardigd door fabrikanten die geheel onafhankelijk zijn van Microsoft. Microsoft verleent dan ook geen enkele garantie, impliciet noch anderszins, omtrent de prestaties of de betrouwbaarheid van deze producten.

Referenties

Klik voor meer informatie op de volgende artikelnummers in de Microsoft Knowledge Base:
121543 Setting Up for Remote Debugging
148954 How to Set Up a Remote Debug Session Using a Modem
151981 How to Set Up a Remote Debug Session Using a Null Modem Cable

Eigenschappen

Artikel ID: 303021 - Laatste beoordeling: donderdag 16 oktober 2003 - Wijziging: 2.1
De informatie in dit artikel is van toepassing op:
  • Microsoft Windows® 2000 Server
  • Microsoft Windows 2000 Professional Edition
  • Microsoft Windows 2000 Advanced Server
  • Microsoft Windows NT Server 4.0 Standard Edition
  • Microsoft Windows NT Workstation 4.0 Developer Edition
Trefwoorden: 
kbinfo kbenv KB303021

Geef ons feedback

 

Contact us for more help

Contact us for more help
Connect with Answer Desk for expert help.
Get more support from smallbusiness.support.microsoft.com