Problemen met een gedeelde Internet-verbinding oplossen in Windows XP

Vertaalde artikelen Vertaalde artikelen
Artikel ID: 308006 - Bekijk de producten waarop dit artikel van toepassing is.
Dit artikel is eerder gepubliceerd onder NL308006
Alles uitklappen | Alles samenvouwen

Op deze pagina

Samenvatting

Dit artikel bevat informatie over het oplossen van problemen met de installatie en het gebruik van Internet-verbinding delen in Microsoft Windows XP.

Meer informatie

Wanneer u Internet-verbinding delen gebruikt, kunt u een internetverbinding met twee of meer computers delen. Voordat u Internet-verbinding delen installeert of gebruikt, dient u contact op te nemen met uw internetprovider of de algemene gebruiksvoorwaarden van uw ISP door te lezen om vast te stellen of het is toegestaan uw verbinding te delen.

Hostconfiguratie

Om Internet-verbinding delen te installeren, kunt u ofwel de wizard Netwerk instellen gebruiken of de gedeelde verbinding handmatig configureren.

Ga als volgt te werk om de wizard Netwerk instellen uit te voeren:
  1. Klik op Start, wijs achtereenvolgens Alle programma's, Bureau-accessoires en Communicatie aan en klik op Wizard Netwerk instellen.
  2. Klik op Volgende totdat het dialoogvenster Selecteer een verbindingsmethode wordt weergegeven.
  3. Selecteer Deze computer maakt rechtstreeks verbinding met het Internet en voltooi de wizard om Internet-verbinding delen met succes te installeren.
Als u meer informatie wilt over Internet-verbinding delen, klikt u op het volgende artikelnummer in de Microsoft Knowledge Base:
306126 Internet-verbinding delen configureren in Windows XP
Het gebruik van de wizard Netwerk instellen voor het configureren van de functie Internet-verbinding delen heeft de volgende voordelen:
  • Er wordt automatisch geprobeerd de verbinding met internet te detecteren.
  • De wizard kan de firewall voor Internet-verbindingen (ICF) configureren.
  • De wizard kan verschillende netwerkadapters overbruggen die zijn aangesloten op uw thuisnetwerk.
  • Bovendien registreert de wizard informatie met betrekking tot de door de wizard uitgevoerde configuratie in het bestand %SystemRoot%\Nsw.log.
Als de installatie van Internet-verbinding delen niet is geslaagd, controleert u het volgende:
  • Controleer of de verbinding met internet vanaf de hostcomputer functioneert, voordat de verbinding wordt gedeeld.
  • Controleer of de interface die moet worden gedeeld, compatibel is met Internet-verbinding delen. Eenrichtingsverbindingen, zoals een satellietverbinding die een satellietinterface voor het downloaden en een inbelverbinding voor het uploaden van gegevens gebruikt, zijn niet compatibel met de functie Internet-verbinding delen in Windows XP.
  • Zorg ervoor dat u de juiste interface hebt geselecteerd als de gedeelde verbinding. De gedeelde interface moet de interface zijn die verbinding maakt met internet.
  • Als u probeert Internet-verbinding delen handmatig te configureren voor een verbinding, controleer dan of de firewall voor Internet-verbindingen niet is ingeschakeld op de adapter van het thuisnetwerk. Als de firewall voor Internet-verbindingen wel is ingeschakeld, moet u deze uitschakelen voordat u Internet-verbinding delen kunt configureren op de externe verbinding. U kunt ook de wizard Netwerk instellen gebruiken om Internet-verbinding delen in te schakelen. De wizard schakelt firewall voor Internet-verbindingen altijd uit op thuisnetwerkinterfaces.
  • Controleer of het IP-adres op de gedeelde verbinding een IP-adres is dat door uw ISP wordt verstrekt.
  • Controleer of het IP-adres op de interne adapter is toegewezen als 192.168.0.1. Als dit niet het geval is, schakelt u de functie Internet-verbinding delen uit, controleert u of er automatisch een IP-adres wordt toegewezen aan de interne adapter en schakelt u vervolgens Internet-verbinding delen in voor de gedeelde adapter.
  • Controleer het systeemlogboek en het bestand Nsw.log op fouten met betrekking tot de configuratie van Internet-verbinding delen. Hiertoe klikt u op Start en op Uitvoeren. Typ nsw.log en klik op OK.
Wanneer het installatieprobleem is opgelost en Internet-verbinding delen is ingeschakeld, controleert u of de internetverbinding op de ICS-hostcomputer nog functioneert voordat u de ICS-clientcomputers gaat testen.

Opmerking Installeer Internet-verbinding delen alleen op de computer die u gebruikt om verbinding met internet te maken. Deze computer wordt de 'hostcomputer' genoemd. De andere computers in het LAN (Local Area Network) die gebruikmaken van de host om verbinding met internet te maken, worden 'clientcomputers' genoemd. Als u Internet-verbinding delen op meerdere computers in uw netwerk zou configureren, kunnen er foutberichten worden weergegeven die aangeven dat er computers met dubbele IP-adressen zijn.

Configuratie en verbindingen van de client

Nadat u de verbinding op de hostcomputer hebt gecontroleerd en hebt vastgesteld dat de host zonder problemen met Microsoft Internet Explorer kan werken, lost u de problemen met de configuratie en de verbindingen van de clients op. Ga als volgt te werk:
  1. Open Internet Explorer om het openen van een webpagina te testen. Als Internet Explorer niet kan worden geopend, gaat u verder met de volgende stappen. Test Internet Explorer na elke stap om vast te stellen of het probleem is opgelost.
  2. Controleer het IP-adres dat is toegewezen aan de client door naar de map Netwerkverbindingen te gaan en te dubbelklikken op de adapter die op het thuisnetwerk is aangesloten. Hierdoor wordt de statusinterface geopend. Ga naar het tabblad Ondersteuning en controleer of het toegewezen IP-adres in het bereik 192.168.0.x ligt (waarbij x een waarde tussen 2 en 254 is). Als dit niet het geval is, lost u het probleem met de fysieke verbinding tussen de host en de client op en controleert u of de client een adres krijgt toegewezen via DHCP. Ga als volgt te werk om de DHCP-instellingen te controleren:
    1. Open de eigenschappen van de adapter op de clientcomputer.
    2. Selecteer Internet Protocol (TCP/IP) in de lijst met clients en protocollen en klik op Eigenschappen.
    3. Open in het dialoogvenster TCP/IP-eigenschappen het tabblad Algemeen en controleer of de selectievakjes Automatisch een IP-adres laten toewijzen en Automatisch een DNS-serveradres laten toewijzen zijn ingeschakeld.
    4. Als u nog steeds geen geldig IP-adres hebt toegewezen gekregen nadat u deze instellingen hebt gecontroleerd, probeert u de TCP/IP-eigenschappen handmatig in te stellen. Stel het IP-adres in op een ongebruikt IP-adres, 192.168.0.x, waarbij x een waarde is tussen 2 en 254 die nog niet in gebruik is in het thuisnetwerk. Stel het subnetmasker in op 255.255.255.0, de standaard-gateway op 192.168.0.1 en de primaire en secundaire DNS-server op 192.168.0.1.
  3. Probeer met de opdracht Ping het hostadres 192.168.0.1 van Internet-verbinding delen te bereiken om de verbinding met de hostcomputer te testen. Ga hiervoor als volgt te werk:
    1. Klik op Start, klik op Uitvoeren, typ cmd en klik op OK.
    2. Typ de volgende opdracht om de hostcomputer met de opdracht Ping te bereiken:
      ping 192.168.0.1
      U ziet een reeks antwoorden, zoals hieronder, die aangeven dat de verbinding met de hostcomputer in orde is:
         Reply from 192.168.0.1: bytes=32 time<1ms TTL=128
    Als dat niet het geval is, kan er een probleem met de verbinding zijn of een probleem met TCP/IP op de clientcomputer. Om dat laatste uit te sluiten, probeert u met de opdracht Ping het IP-adres van de clientcomputer te bereiken. Als dit lukt, maar de ping naar het hostadres is mislukt, is er waarschijnlijk een probleem met de fysieke verbinding tussen de twee computers.
  4. Gebruik Internet Explorer om een webpagina te openen met behulp van het IP-adres. U kunt het IP-adres van een website op internet verkrijgen door de opdracht Ping te gebruiken vanaf de hostcomputer met Internet-verbinding delen. Controleer of de hostcomputer een correct antwoord krijgt van de webserver, aangezien sommige servers niet reageren op Ping-verzoeken.

    Als u in Internet Explorer geen pagina's kunt openen via het IP-adres, maar u hebt de vorige stappen probleemloos uitgevoerd, probeert u een lokaal HTML-bestand te openen. Als dat lukt, is er waarschijnlijk een probleem met de verbinding of met Winsock op de clientcomputer. Los dit probleem op alsof Internet-verbinding delen niet in de configuratie voorkomt. Klik voor meer informatie over het bekijken van de inhoud van het systeemregister op het volgende artikelnummer in de Microsoft Knowledge Base:
    308427 Gebeurtenislogboeken weergeven en beheren in Logboeken in Windows XP
  5. Als u de website kunt openen via het IP-adres, probeert u pagina's te openen met behulp van de FQDN-naam (Fully Qualified Domain Name), zoals http://www.microsoft.nl. Als dit mislukt, is dit een aanwijzing voor een probleem met de naamomzetting. Controleer of op de clientcomputer het adres 192.168.0.1 is geconfigureerd voor de DNS-server. U kunt dit controleren door te klikken op Details op het tabblad Ondersteuning van het scherm met de adapterstatus. Ga als volgt te werk wanneer 192.168.0.1 niet is ingesteld als DNS-server:
    1. Open de eigenschappen van de adapter op de clientcomputer.
    2. Klik op Internet Protocol (TCP/IP) in de lijst van clients en protocollen en klik op Eigenschappen.
    3. Kijk of op het tabblad Algemeen van het dialoogvenster TCP/IP-eigenschappen het selectievakje Automatisch een DNS-serveradres laten toewijzen is ingeschakeld.
    Nadat u dit hebt gecontroleerd, controleert u of 192.168.0.1 nu wordt weergegeven als het DNS-serveradres voor de client en test u de verbinding opnieuw.

Eigenschappen

Artikel ID: 308006 - Laatste beoordeling: maandag 14 februari 2005 - Wijziging: 3.0
De informatie in dit artikel is van toepassing op:
  • Microsoft Windows XP Home Edition
  • Microsoft Windows XP Professional Edition
Trefwoorden: 
kbfirewall kbtshoot kbenv kbinfo kbnetwork KB308006

Geef ons feedback

 

Contact us for more help

Contact us for more help
Connect with Answer Desk for expert help.
Get more support from smallbusiness.support.microsoft.com