Trage schijfprestaties wanneer het gebruik van de schrijfcache is ingeschakeld

Vertaalde artikelen Vertaalde artikelen
Artikel ID: 332023 - Bekijk de producten waarop dit artikel van toepassing is.
Alles uitklappen | Alles samenvouwen

Op deze pagina

Symptomen

Bepaalde schrijfbewerkingen naar de vaste schijf worden langzamer uitgevoerd dan verwacht als door de vaste schijf een schrijfcache wordt ge´mplementeerd en als op uw computer een van de volgende besturingssystemen wordt gebruikt:
  • Windows 2000 Service Pack 3 (SP3)
  • Windows 2000 Service Pack 2 (SP2) waarvoor u de hotfix hebt ge´nstalleerd die wordt beschreven in het volgende Microsoft Knowledge Base-artikel:
    281672 Mogelijk gegevensverlies nadat u de functie Schrijfcache inschakelen hebt ingeschakeld (Het Engels)
  • Windows XP
De schrijfprestaties van de vaste schijf kunnen met name lager zijn dan bij versies van Windows 2000 van vˇˇr SP3. Daarnaast kunnen op een clustercomputer bij schrijfbewerkingen naar de vaste schijf grote verschillen bestaan bij de schrijfprestaties tussen verschillende knooppunten.

Oorzaak

Windows 2000-versies van vˇˇr SP3 bevatten een fout die voorkˇmt dat bepaalde schijfopdrachten worden uitgevoerd. Deze opdrachten worden alleen uitgevoerd voor schijven waarvoor het gebruik van de schrijfcache is ingeschakeld. De opdrachten zorgen ervoor dat kritieke gegevens onmiddellijk naar schijfapparaten worden geschreven en niet tijdelijk worden vastgehouden in de schrijfcache van de schijf.

Als u meer informatie wilt over deze fout, klikt u op het volgende artikelnummer in de Microsoft Knowledge Base:
281672 Mogelijk gegevensverlies nadat u de functie Schrijfcache inschakelen hebt ingeschakeld (Het Engels)

Deze fout wordt gecorrigeerd door de hotfix die wordt beschreven in Knowledge Base-artikel 281672. De betreffende opdrachten worden dan normaal uitgevoerd voor de schijf wanneer het gebruik van de schrijfcache is ingeschakeld. Deze correctie maakt deel uit van Windows 2000 SP3. Een vergelijkbare correctie maakt ook deel uit van Windows XP.

Deze opdrachten gaan enigszins ten koste van de prestaties, maar dit is omwille van de veiligheid van kritieke gegevens. Ze zorgen ervoor dat kritieke gegevens onmiddellijk naar de schijf worden geschreven. De opdrachten worden alleen uitgevoerd als gebruik van de schrijfcache is ingeschakeld voor een bepaald schijfapparaat en dit met standaardmethoden kan worden gedetecteerd. Wanneer dit veilige gedrag wordt afgedwongen voor schijven die gebruik van de schrijfcache implementeren, worden de prestaties minder tijdens bepaalde schijfbewerkingen. Zie de sectie 'Meer informatie' in dit artikel voor meer details. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat op een clustercomputer gegevens van de vaste schijf niet worden geleverd aan een knooppunt dat als vervanging optreedt voor een clusterbron waarop een storing is opgetreden. Zodoende treden er verschillen op in de prestaties bij schrijfbewerkingen naar de vaste schijven.

Oplossing

Voor computers waarop Windows 2000 wordt uitgevoerd

Waarschuwing: Als u deze correctie implementeert (door de bijgewerkte stuurprogramma┤s te installeren en de optie voor schrijfcache Power Protected in te schakelen), worden ingebouwde beveiligingen in de Windows 2000-schijfstuurprogramma┤s verwijderd. Deze beveiligingen zorgen ervoor dat kritieke gegevens onmiddellijk naar de schijf worden geschreven en niet pas later naar de schijf worden geschreven vanuit de ingebouwde cache. Implementeer deze correctie alleen als uw computer en alle daaraan gekoppelde vaste schijven zijn beveiligd tegen stroomuitval door hardwarefuncties zoals een redundante voeding met reservebatterijen. Neem contact op met de leverancier van de computer en de opslagapparaten om te informeren naar het niveau van hardwarematige bescherming. Implementeer deze correctie alleen wanneer u het risiconiveau begrijpt en aanvaardt dat hieraan is verbonden, en wanneer u ervan overtuigd bent dat dit risico wordt beperkt door de geboden hardwarematige bescherming tegen stroomuitval. Op een clustercomputer kunnen prestatieverschillen in schrijfbewerkingen naar vaste schijven die worden gedeeld door verschillende knooppunten, worden verholpen door op elk knooppunt de optie voor schrijfcache Power Protected in te schakelen.

Klik op het volgende artikelnummer, zodat het desbetreffende Microsoft Knowledge Base-artikel wordt weergegeven voor meer informatie:
281672 Mogelijk gegevensverlies nadat u de functie Schrijfcache inschakelen hebt ingeschakeld (Het Engels)

Deel 1: De Windows 2000-update installeren

Er is via Microsoft een ondersteunde functie verkrijgbaar waarmee de standaardwerking van het product wordt aangepast. Deze functie is echter alleen bedoeld voor het aanpassen van het gedrag dat in dit artikel wordt beschreven. Pas de functie alleen toe op computers waarvoor dit specifiek nodig is.

Als de functie kan worden gedownload, is aan het begin van dit Knowledge Base-artikel een sectie 'Hotfix kan worden gedownload' opgenomen. Als een dergelijke sectie niet aanwezig is, kunt u de functie aanvragen bij de klantondersteuning van Microsoft.

Opmerking Als er nog andere problemen optreden of als er oplossingen zijn vereist zijn, moet u mogelijk een afzonderlijk serviceverzoek indienen. De normale ondersteuningskosten gelden voor extra ondersteuningsvragen die niet in aanmerking komen voor deze specifieke functie. Bezoek de volgende website van Microsoft voor een volledige lijst met telefoonnummers van de klantondersteuning van Microsoft of om een afzonderlijk serviceverzoek te maken:
http://support.microsoft.com/contactus/?ws=support
Opmerking Op het formulier 'Hotfix kan worden gedownload' zijn de talen vermeld waarvoor de functie beschikbaar is. Als uw taal daar niet bij staat, is de functie voor de desbetreffende taal niet beschikbaar. De Engelse versie van deze correctie heeft de bestandskenmerken die in de volgende tabel worden weergegeven (of recentere kenmerken). De datums en tijden voor deze bestanden worden weergegeven in UTC-notatie (Coordinated Universal Time). Wanneer u de bestandsinformatie weergeeft, wordt deze naar lokale tijd geconverteerd. Als u het verschil tussen UTC en lokale tijd wilt bepalen, gebruikt u het tabblad Tijdzone van de optie Datum en tijd in het Configuratiescherm.
   Datum       Tijd    Versie         Grootte    Bestandsnaam
   -------------------------------------------------------
   15-jan-2003  19:42  5.0.2195.6655  34.832  Classpnp.sys
   15-jan-2003  19:43  5.0.2195.6655  30.768  Disk.sys
				
Opmerking De bestanden die deel uitmaken van deze hotfix hebben versienummers die recenter zijn dan SP3. Zij kunnen echter zowel worden gebruikt op computers met Windows 2000 SP2 als op computers met Windows 2000 SP3. Het hotfix-pakket kan zowel worden ge´nstalleerd op computers met Windows 2000 SP2 als op computers met Windows 2000 SP3.

Deel 2: De Power Protected voor het configureren van de schrijfcache

Nadat u de Windows 2000-update hebt ge´nstalleerd en de computer opnieuw hebt opgestart, zodat de bijgewerkte stuurprogramma's worden geladen, moet u ook de optie Power Protected voor de schrijfcache inschakelen voor elke schijf waarvoor de schrijfcache is ingeschakeld en waarvoor de schrijfcache is beveiligd tegen stroomuitval. Als de optie Power Protected niet is ingeschakeld, worden door de update geen wijzigingen in de werking of prestaties van schijven ge´mplementeerd.

Gebruik het hulpprogramma Dskcache.exe om de optie Power Protected voor de schrijfcache op de geselecteerde schijven te configureren. Dskcache.exe is afzonderlijk verkrijgbaar. Voor meer informatie over het hulpprogramma Dskcache.exe en hoe u de optie Power Protected voor de schrijfcache inschakelt, klikt u op het volgende artikelnummer in de Microsoft Knowledge Base:
811392 Het hulpprogramma Dskcache.exe verkrijgen om de schrijfcacheoptie 'Power Protected' te configureren
Opmerking De optie Power Protected voor de schrijfcache kan alleen worden ingeschakeld voor schijven die op dat moment aanwezig zijn. De optie Power Protected is standaard uitgeschakeld. Deze optie is dan ook uitgeschakeld voor schijven die u toevoegt nadat u deze instelling hebt toegepast. Als u schijven toevoegt, moet u de optie Power Protected voor de schrijfcache voor die schijven inschakelen om ervoor te zorgen dat de instelling werkt.

Voor computers met Windows XP

Vanwege de verschillen in het ontwerp tussen Windows 2000 en Windows XP zijn er momenteel geen plannen om een ondersteunde update uit te brengen voor dit probleem in Windows XP.

Status

Dit gedrag is inherent aan het ontwerp van het product.

Meer informatie

Veel schijfapparaten bieden verbeterde prestaties door het gebruik van een cache op de systeemkaart. Deze biedt 'read-ahead caching' (vooruit lezen) voor gegevens die van de schijf worden gelezen, en 'write-behind caching' (vertraagde of 'luie' schrijfbewerkingen) voor gegevens die naar de schijf worden geschreven. Soms is het van belang dat gegevens onmiddellijk naar de fysieke schijf worden geschreven en niet in de schrijfcache van de schijf op de systeemkaart worden vastgehouden om later tijdens een periode van inactiviteit naar de schijf te worden geschreven. Hierdoor wordt verlies of beschadiging van deze gegevens voorkomen als bijvoorbeeld plotseling de stroomvoorziening van de schijf of de controller (waar de schrijfcache is ge´mplementeerd) uitvalt.

Er zijn twee opdrachten die veel worden gebruikt om ervoor te zorgen dat gegevens in de cache onmiddellijk naar de fysieke schijf worden geschreven:
  • De schijf wordt door de opdracht flush buffers, die beschikbaar is voor SCSI- en IDE/ATAPI-schijfstations, ge´nstrueerd om alle gegevens in de cache onmiddellijk naar de schijf te schrijven. Dit wordt voor SCSI-schijven ge´mplementeerd door de opdracht SYNCHRONIZE CACHE naar de schijf te verzenden. Voor IDE/ATAPI-schijven wordt de opdracht FLUSH CACHE naar de schijf verzonden. Deze opdracht wordt meestal uitgevoerd doordat een Windows-programma de API FlushFileBuffers aanroept. Schrijven naar het register is een voorbeeld van een bewerking waardoor de API FlushFileBuffers wordt aangeroepen en de opdracht SYNCHRONIZE CACHE naar de schijf wordt verzonden.
  • Een Write Through-opdracht, die alleen beschikbaar is voor SCSI-schijfapparaten, wordt ge´mplementeerd door een WRITE-opdracht naar de schijf te verzenden met de FUA-bitset (ForceUnitAccess). Met dit type opdracht wordt de schijf ge´nstrueerd het huidige gegevenspakket onmiddellijk naar de schijf te schrijven, zonder de gegevens eerst in de schrijfcache op de systeemkaart op te slaan. Dit gebeurt meestal doordat een Windows-programma de API WriteFile aanroept om naar een bestand te schrijven dat het programma heeft geopend door de API CreateFile aan te roepen, terwijl de vlag is ingesteld op FILE_FLAG_WRITE_THROUGH. Bestanden worden met name door antivirussoftware geopend met de vlag FILE_FLAG_WRITE_THROUGH ingesteld. Ondersteuning voor de FUA-bit is optioneel en deze functionaliteit wordt alleen ge´mplementeerd door sommige SCSI- en FC-apparaten (Fiber Channel), meestal afzonderlijke stations (in tegenstelling tot RAID-matrices).
Deze opdrachten gaan enigszins ten koste van de prestaties (die anders worden verhoogd door gebruik van de schrijfcache van de vaste schijf op de systeemkaart), maar dit is omwille van de veiligheid van de gegevens die naar de schijf worden geschreven. Als dergelijke gegevens niet onmiddellijk naar de schijf worden geschreven door deze opdrachten en de stroomtoevoer van de schijf plotseling uitvalt, gaan de gegevens verloren en kan het bestand dat wordt geschreven, beschadigd raken.

In Windows 2000-versies van vˇˇr SP3 worden deze opdrachten niet op de juiste wijze naar schijfapparaten gestuurd wanneer dat wordt verwacht. De opdracht SYNCHRONIZE CACHE wordt bijvoorbeeld niet naar een schijf verzonden, wanneer een programma FlushFileBuffers aanroept en de FUA-bit niet wordt ingesteld voor WRITE-opdrachten wanneer het bestand wordt geopend met de instelling FILE_FLAG_WRITE_THROUGH. Dit probleem wordt gecorrigeerd met de hotfix die wordt beschreven in Knowledge Base-artikel 281672. Deze opdrachten worden dan wel uitgevoerd zoals de bedoeling is en ze bieden daardoor de gewenste beveiliging tegen het verlies van kritieke gegevens.

OpmerkingMicrosoft SQL Server maakt intensief gebruik van FILE_FLAG_WRITE_THROUGH voor lokale databasegegevens, logboekbestanden en reservekopiebestanden. Voorbeelden van lokale databasegegevens zijn gegevens op SCSI-schijven en SAN-schijven, maar geen gegevens op NAS-schijven. Als de functie Power Protected Storage niet is ingeschakeld op hardware met beveiliging van de eigen schrijfcache, kunnen de prestaties van SQL Server afnemen tijdens het maken van een herstelpunt van een grote database.

Als de optie Schrijfcache ingeschakeld voor een schijfapparaat is geconfigureerd in Apparaatbeheer, gebeuren er twee dingen:
  • Er wordt naar het schijfapparaat een opdracht gestuurd om het gebruik van de schrijfcache in of uit te schakelen.
  • Er wordt een registerwaarde opgeslagen, die door het schijfstuurprogramma wordt gebruikt om te bepalen of er opdrachten voor het beheer van de schrijfcache (Flush, Write-Through) al dan niet naar de schijf moeten worden gestuurd.
De hotfix die in dit artikel wordt beschreven, biedt een aanvullende configuratieoptie, te weten de optie Power Protected voor de schrijfcache. Als de optie Schrijfcache ingeschakeld en de optie Power Protected beide zijn ingeschakeld, wordt de schrijfcache van de schijf ingeschakeld en als zodanig herkend door het schijfstuurprogramma, maar worden door het schijfstuurprogramma geen opdrachten voor het beheer van de schrijfcache (Flush, Write-Through) naar de schijf gestuurd. Hierdoor wordt voorkomen dat de prestaties verminderen als gevolg van het leegmaken van de schrijfcache. Er kunnen echter schijfgegevens verloren gaan of beschadigd raken als de stroom uitvalt terwijl de schrijfcache van de schijf nog gegevens bevat die nog niet naar de schijf zijn geschreven.

De volgende tabel geeft een overzicht van de effecten van de opties Schrijfcache ingeschakeld en Power Protected:
Deze tabel samenvouwenDeze tabel uitklappen
Schrijfcache ingeschakeld Power Protected
Effect
Uitgeschakeld n.v.t. Schrijfbewerkingen worden niet in de cache opgeslagen door de schijf.
Het stuurprogramma verzendt geen Flush/Write-Through-opdrachten.
(Dit is het enige gedrag dat mogelijk is voor stations waarvoor geen schrijfcache hardwarematig is ingeschakeld).
Ingeschakeld Uitgeschakeld Schrijfbewerkingen worden in de cache opgeslagen door de schijf.
Het stuurprogramma verzendt Flush/Write-Through-opdrachten.
(Standaardgedrag sinds SP3, en bij toepassing van deze update, voor stations waarvoor een schrijfcache hardwarematig is ingeschakeld).
Ingeschakeld Ingeschakeld Schrijfbewerkingen worden in de cache opgeslagen door de schijf.
Het stuurprogramma verzendt geen Flush/Write-Through-opdrachten.
(Gedrag dat voorkomt uit programmafout van vˇˇr SP3 voor stations waarvoor een schrijfcache hardwarematig is ingeschakeld).

Eigenschappen

Artikel ID: 332023 - Laatste beoordeling: woensdag 31 december 2008 - Wijziging: 12.2
De informatie in dit artikel is van toepassing op:
  • Microsoft Windows XP Professional
  • Microsoft Windows XP Home Edition
  • Microsoft Windows 2000 Service Pack 3
  • Microsoft Windows 2000 Server SP2
  • Microsoft Windows 2000 Service Pack 3
  • Microsoft Windows 2000 Professional SP2
  • Microsoft Windows 2000 Advanced Server SP3
  • Microsoft Windows 2000 Advanced Server SP2
  • Microsoft Windows 2000 Service Pack 3
Trefwoorden:á
kbautohotfix kbhotfixserver kbfix kbbug kbqfe KB332023

Geef ons feedback

 

Contact us for more help

Contact us for more help
Connect with Answer Desk for expert help.
Get more support from smallbusiness.support.microsoft.com