Hoofdstuk 2: Basisvaardigheden van Verteller

In dit hoofdstuk wordt de toetsenbordnavigatie in Verteller beschreven. U leest hoe u zich verplaatst in het scherm, hoe u apps zoekt en opent en hoe u kunt wijzigen wat Verteller leest. Hier wordt ook uitgelegd hoe u de spreeksnelheid en het volume in Verteller aanpast en hoe u spraak uitschakelt.

Basistoetsenbordnavigatie in Windows

Tabblad, cursor en functietoetsen

In Windows gebruikt u de Tab-toets of de cursortoetsen (ook wel de pijltoetsen genoemd) om te navigeren in apps en webpagina's. Op sommige toetsenborden ziet u functietoetsen boven de numerieke toetsen boven aan het toetsenbord. Functietoetsen kunnen worden gebruikt voor navigatie in sommige apps. Op bepaalde toetsenborden zijn functietoetsen geprogrammeerd voor het uitvoeren van hardwaregerelateerde acties, zoals het aanpassen van volume. Als uw toetsenbord een Fn-toets (functie) heeft, moet u de Fn-toets en de functietoets tegelijk indrukken als u de functietoets voor andere acties wilt gebruiken.

Caps Lock-toets

Als Verteller is ingeschakeld, drukt u op de Caps Lock-toets (de Verteller-toets) samen met andere toetsen om te navigeren en met schermelementen te werken.

U kunt de Verteller-toets vergrendelen in Verteller-instellingen zodat u de Caps Lock-toets niet voor elke opdracht hoeft in te drukken. Als Verteller is ingeschakeld, opent u Verteller-instellingen op de taakbalk. Selecteer Algemeen en vervolgens Verteller-toets vergrendelen zodat u er niet voor elke opdracht op hoeft te drukken (Caps Lock).

Windows-sneltoetsen

Windows en Windows-apps beschikken over sneltoetsen die u naast de opdrachten van Verteller kunt gebruiken. Druk bijvoorbeeld op de Windows-logotoets  om het Startmenu te openen of druk op de Windows-logotoets +A om het Actiecentrum te openen.

Voor een lijst met sneltoetsen raadpleegt u Keyboard shortcuts in Windows (Sneltoetsen in Windows).

Voor een lijst met sneltoetsen in Windows-apps raadpleegt u Keyboard shortcuts in apps (Sneltoetsen in apps).

Verteller-weergaven

Als u meer wilt dan alleen de basistoetsenbordopdrachten met de Tab-toets, de cursortoetsen en de functietoetsen, kunt u Verteller-weergaven gebruiken.

Met Verteller-weergaven kunt u wijzigen hoe Verteller navigeert door apps en webpagina's. U kunt kiezen uit de volgende weergaven: items, tekens, woorden, regels, alinea's, koppelingen, koppen, tabellen, oriëntatiepunten en suggesties.

Items is de standaardweergave wanneer u Verteller start. Een item kan van alles zijn, van een knop in een app of een koppeling tot een tekst in een webpagina. Druk op Caps Lock+Pijl-links of Caps Lock+Pijl-rechts om van item naar item te gaan. Druk op Caps Lock+Enter als u een item hebt gevonden dat u wilt activeren. Druk op Caps lock+D als u Verteller het huidige item wilt laten voorlezen. Druk op Caps Lock+V als u Verteller de laatste uitgesproken woordgroep wilt laten herhalen.

Druk op Caps Lock+Pijl-omhoog of Caps Lock+Pijl-omlaag als u naar een andere Verteller-weergave wilt gaan.


Suggesties

Suggesties zijn beschikbaar wanneer u in sommige apps en onderdelen van Windows informatie in een tekstvak invoert. Als u bijvoorbeeld tekst in het zoekvak invoert nadat u op de Windows-logotoets hebt gedrukt, worden suggesties gegeven terwijl u typt. Als een suggestie beschikbaar is, geeft Verteller dat aan door een geluid en een gesproken bericht af te spelen.

Als er een suggestie beschikbaar is, drukt u op Caps Lock+Pijl-omlaag om naar de weergave Suggesties te gaan en vervolgens op Caps Lock+Pijl-links of Caps Lock+Pijl-rechts om de suggestie te markeren. Druk op Caps Lock+Enter om deze te selecteren. U kunt ook op de toetsen Pijl-omhoog en Pijl-omlaag drukken om de suggesties te doorlopen en op Enter drukken om er een te selecteren.

Oriëntatiepunten

Oriëntatiepunten zijn groepen items die beschikbaar zijn in een aantal apps en webpagina's. In Windows 10 hebben de apps Windows Store en Weer ook oriëntatiepunten. Sommige Windows-functies, zoals het Startmenu, hebben ook oriëntatiepunten. Als u wilt weten of er een oriëntatiepunt beschikbaar is, drukt u op Caps Lock+Pijl-omhoog om naar de weergave Oriëntatiepunten te gaan en gebruikt u de toetsen Caps Lock+Pijl-links of Caps Lock + Pijl-rechts om de oriëntatiepunten te doorlopen.

Navigeren in apps en webpagina 's

Apps zoeken en openen

Als u in Windows 10 snel een app wilt vinden, drukt u op de Windows-logotoets  op het toetsenbord om het Startmenu te openen en de focus in het zoekvak te plaatsen. Typ de naam van de app die u zoekt en druk op Enter om deze te openen.

Schakelen tussen apps

Als u wilt schakelen tussen geopende apps op uw pc, houdt u de Alt-toets ingedrukt terwijl u op de tabtoets drukt. In Verteller wordt de naam van de geopende apps uitgesproken terwijl u ze doorloopt. Laat beide toetsen los wanneer u de app hebt gevonden die u wilt gebruiken.

Als u op een gegeven moment wilt weten welke app of Windows de focus heeft, drukt u op Caps Lock+W om de titel en inhoud te lezen van het venster dat de focus heeft.

Snel inhoud verkennen in de scanmodus

Wanneer u een app of webpagina opent, krijgt u een snel overzicht met de scanmodus, de lees- en navigatiemodus van Verteller. Druk op Caps Lock + Spatiebalk als u de Scanmodus wilt inschakelen. Gebruik vervolgens de volgende opdrachten om per kop, oriëntatiepunt of koppeling te navigeren.

 Toets Actie
 H of Shift+H, en Alt+Pijl-omlaag of Alt+Pijl-omhoog Naar de volgende of vorige kop gaan
 D of Shift+D Naar het volgende of vorige oriëntatiepunt gaan
 K of Shift+K, en Alt+Pijl-rechts of Alt+Pijl-links Naar de volgende of vorige koppeling gaan


Als u inhoud gedetailleerder wilt lezen, gebruikt u de toets Pijl-omhoog of Pijl-omlaag om naar de volgende of vorige tekstregel te gaan. U kunt ook op Caps Lock+M drukken, waarna Verteller onafgebroken begint te lezen vanaf de huidige locatie.

Voor meer informatie over het gebruik van de scanmodus, inclusief een lijst met extra opdrachten, raadpleegt u Hoofdstuk 3: Scanmodus gebruiken.

Voor meer informatie over het lezen van tekst raadpleegt u Hoofdstuk 4: Tekst lezen.

Spreeksnelheid en volume wijzigen

U kunt het volume en de spreeksnelheid van Verteller wijzigen. Als u het volume van Verteller wilt wijzigen, drukt u op Caps Lock+Page Up als u het volume wilt verhogen of op Caps Lock+Page Down als u het volume wilt verlagen.

Als u de snelheid wilt wijzigen waarmee Verteller spreekt, drukt u op Caps Lock+plusteken (+) en Caps Lock+minteken (-).

Verteller laten stoppen met voorlezen

U kunt Verteller op elk moment laten stoppen met voorlezen door op de Ctrl-toets te drukken of een andere opdracht te kiezen.

Feedback geven

Met uw feedback kunnen we Verteller verbeteren. Als u feedback wilt geven, drukt u op Caps Lock+E+E (druk tweemaal op E) om opmerkingen over Verteller in te voeren. Druk op Caps lock+E als u ons wilt laten weten dat u ontevreden bent over wat u op dit moment aan het doen bent. U kunt uw opmerkingen ook achterlaten op de website Microsoft Accessibility User Voice. Daarnaast kunt u voor technische ondersteuning voor Verteller of een andere ondersteunende technologie van Microsoft contact opnemen met de Microsoft Disability Answer Desk.


Volgende: Hoofdstuk 3: Scanmodus gebruiken

Terug naar de inhoudsopgave

Eigenschappen

Artikel-id: 22808 - Laatst bijgewerkt: 14 sep. 2016 - Revisie: 3

Feedback