Magneetsterkte aanpassen of uitlijnen uitschakelen

Wanneer u een shape maakt of verplaatst, kunt u via Magneet shapes en de bijbehorende randen uitlijnen met andere shapes, onderverdelingen van de liniaal, rasterlijnen, hulplijnen of hulplijnpunten. U kunt de typen tekenelementen opgeven waarop shapes worden uitgelijnd.

Standaard worden de shapes uitgelijnd op de onderverdelingen van de liniaal en het raster. Als u shapes beter wilt uitlijnen op de onderverdelingen van de liniaal, schakelt u uitlijnen op het raster uit.

Uitlijning configureren

  1. Klik op het tabblad Beeld in de groep Visuele hulpmiddelen op de dialoogvensterweergave.

    Startprogramma voor het dialoogvenster Uitlijnen & lijmen in Visio 2016

  2. Schakel op het tabblad Algemeen onder Momenteel actief het selectievakje Uitlijnen uit om het uitlijnen te deactiveren of schakel Uitlijnen in om het uitlijnen te activeren.

    Dialoogvenster Uitlijnen & lijmen met Uitlijnen uitgeschakeld in Visio 2016

  3. Selecteer onder Uitlijnen op de tekenelementen waarmee u de shapes wilt uitlijnen en klik op OK.
    De uitlijninstellingen die u kiest, worden toegepast op alle shapes in de tekening.

Naast het selecteren van de tekenelementen waarop shapes worden uitgelijnd, kunt u ook opgeven hoe sterk shapes worden uitgelijnd met deze elementen.

Wanneer de magneetsterkte voor een element laag is, wordt een shape eenvoudig uitgelijnd met andere nabijgelegen elementen. Wanneer de magneetsterkte van een element hoog is, wordt een shape meestal uitgelijnd met dit element, zelfs als er andere nabijgelegen elementen zijn waarmee de shape kan worden uitgelijnd.

De magneetsterkte van tekenelementen aanpassen

  1. Klik op het tabblad Beeld in de groep Visuele hulpmiddelen op het startprogramma voor dialoogvensters (knop Startprogramma voor dialoogvensters in Word 2010 ).

  2. Verschuif op het tabblad Geavanceerd de schuifregelaar Magneetsterkte.

    Schuifregelaars voor uitlijnen in Uitlijnen & lijm in Visio 2016

Zie ook

Het raster weergeven, verbergen of wijzigen in Visio