Opties voor draaitabellen

Van toepassing op
Excel voor Microsoft 365 Excel 2024 Excel 2021

Gebruik het dialoogvenster Draaitabelopties om verschillende instellingen voor een draaitabel in Excel voor Windows en Excel voor Mac (bureaublad) te beheren. Sommige opties zijn niet beschikbaar in webversie van Excel. 

  1. Selecteer in een draaitabel Opties op het lint.

Naam Geeft de naam van de draaitabel weer. Als u de naam wilt wijzigen, klikt u op de tekst in het vak en bewerkt u de naam.

Indeling & Opmaak

Sectie Indeling

Cellen samenvoegen en centreren met labels Selecteer om cellen voor buitenste rij- en kolomitems samen te voegen, zodat u de items horizontaal en verticaal kunt centreren. Schakel het selectievakje uit als u items in de buitenste rij en kolom bovenaan een itemgroep links wilt uitvullen.

In compacte vorm rijlabels inspringen Als u rijen in het gebied met rijlabels wilt laten inspringen wanneer de draaitabel een compacte indeling heeft, selecteert u een inspringingsniveau van 0 tot 127.

Velden weergeven in rapportfiltergebied Selecteer Omlaag, vervolgens Over om eerst velden weer te geven in het rapportfiltergebied van boven naar beneden, terwijl er velden aan worden toegevoegd, voordat u een andere kolom in beslag neemt. Selecteer Opzij, dan omlaag als u eerst velden in het rapportfiltergebied van links naar rechts wilt weergeven naarmate er velden aan worden toegevoegd, voordat u een andere rij gebruikt.

Rapportfiltervelden per kolom Typ of selecteer het aantal velden dat moet worden weergegeven voordat u een andere kolom of rij gebruikt op basis van de instelling van Weergavevelden in het rapportfiltergebied.

Sectie Opmaak

Voor foutwaarden weergeven Schakel dit selectievakje in en typ vervolgens tekst, zoals 'Ongeldig', die u in de cel wilt weergeven in plaats van een foutbericht. Schakel het vakje uit als u een foutbericht wilt weergeven.

Voor lege cellen weergeven Schakel dit selectievakje in en typ vervolgens tekst, zoals 'Leeg', die u in de cel wilt weergeven in plaats van een lege cel.

Kolombreedten automatisch aanpassen bij bijwerken Selecteer om de draaitabelkolommen zo aan te passen dat deze automatisch worden aangepast aan de grootte van de breedste tekst- of getalwaarde. Schakel het vakje uit als u de huidige breedte van de draaitabelkolom wilt behouden.

Celopmaak behouden bij bijwerken Selecteer om de indeling en opmaak van de draaitabel op te slaan, zodat deze telkens wordt gebruikt wanneer u een bewerking uitvoert op de draaitabel. Schakel uit om de indeling en indeling van de draaitabel niet op te slaan en gebruik de standaardindeling en -indeling telkens wanneer u een bewerking uitvoert op de draaitabel. Als u na het vernieuwen nog steeds opmaakwijziging ziet, gebruikt u een draaitabelstijl voor de opmaak die u wilt behouden.

Totalen & filters

Sectie Eindtotalen

Totalen voor rijen weergeven Schakel dit selectievakje in of uit als u de kolom Eindtotaal naast de laatste kolom weer wilt geven of wilt verbergen.

Eindtotalen voor kolommen weergeven Schakel deze optie in of uit om de rij Eindtotaal onder aan de draaitabel weer te geven of te verbergen.

Sectie Filters

Subtotaal van gefilterde pagina-items berekenen Schakel dit selectievakje in of uit als u in het rapport gefilterde items in subtotalen wilt opnemen of uitsluiten.

Opmerking

De OLAP-gegevensbron moet de subselectiesyntaxis van MDX-expressies ondersteunen.

Totalen markeren met * Schakel deze optie in of uit om een sterretje naast totalen weer te geven of te verbergen. Het sterretje geeft aan dat de waarden die worden weergegeven en bij de berekening van het totaal door Excel worden gebruikt, niet de enige waarden zijn die in de berekening worden gebruikt.

Opmerking

Deze optie is alleen beschikbaar als de OLAP-gegevensbron de subselectiesyntaxis van MDX-expressies niet ondersteunt.

Meerdere filters per veld toestaan Selecteer om meer dan één filter in hetzelfde veld toe te staan (bijvoorbeeld een slicer en een handmatig filter).

Opmerking

Deze instelling is alleen beschikbaar voor een niet-OLAP-gegevensbron.

Sectie Sorteren

Aangepaste lijsten gebruiken bij het sorteren Schakel dit selectievakje in of uit als u het gebruik van aangepaste lijsten wilt in- of uitschakelen wanneer u lijsten sorteert. Als u dit vakje uitschakelt, worden de prestaties mogelijk verbeterd bij het sorteren van grote hoeveelheden gegevens.

Weergeven

Sectie Weergave

Knoppen voor uitvouwen/samenvouwen weergeven Selecteer om de plus- of mintekenknoppen weer te geven die u gebruikt om rij- of kolomlabels uit te vouwen of samen te vouwen. Schakel dit selectievakje uit als u deze knoppen niet wilt weergeven. U kunt de plus- of mintekenknoppen verbergen wanneer u een draaitabel afdrukt of wanneer u een draaitabel alleen weergeeft voor weergave.

Contextuele knopinfo weergeven Selecteer om knopinfo weer te geven die waarde-, rij- of kolomgegevens weergeven voor een veld- of gegevenswaarde. Schakel dit selectievakje uit als u geen knopinfo wilt weergeven.

Eigenschappen weergeven in knopinfo Selecteer om weer te geven of te wissen om knopinfo te verbergen die eigenschapsgegevens voor een item weergeven.

Opmerking

Deze optie is alleen beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Veldbijschriften en filterkeuzemenu's weergeven Schakel deze optie in of uit om draaitabelbijschriften boven aan de draaitabel weer te geven of te verbergen en filter vervolgkeuzepijlen op kolom- en rijlabels.

Klassieke draaitabelindeling Schakel deze optie in of uit om het slepen van velden in of uit de draaitabel in of uit te schakelen.

De rij Waarden weergeven Een veldnamenrij weergeven of verbergen in de draaitabel waarin meerdere waardevelden worden gelabeld. Alleen van toepassing als er een rij Waarden is.

Items zonder gegevens weergeven in rijen Schakel deze optie in of uit om rijitems zonder waarden weer te geven of te verbergen.

Opmerking

Deze optie is alleen beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Items zonder gegevens in kolommen weergeven Schakel dit selectievakje in of uit om items zonder waarden in kolommen weer te geven of te verbergen.

Opmerking

Deze optie is alleen beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Itemlabels weergeven als het waardegebied geen velden bevat Schakel dit selectievakje in of uit om itemlabels weer te geven of te verbergen als het waardegebied geen velden bevat.

Berekende leden van OLAP-server weergeven Schakel deze optie in of uit om berekende leden in een dimensie weer te geven of te verbergen. Dit selectievakje is niet van invloed op berekende maten.

Opmerking

Deze instelling is alleen beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Sectie Lijst met velden

De volgende twee opties sluiten elkaar uit.

Sorteren van A naar Z Selecteer deze optie als u de velden in de lijst met draaitabelvelden in oplopende alfabetische volgorde wilt sorteren.

Opmerking

Deze instelling is niet beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Sorteren in volgorde van gegevensbron Selecteer deze optie als u de velden in de lijst met draaitabelvelden wilt sorteren in de volgorde die door de externe gegevensbron wordt opgegeven.

Opmerking

Deze instelling is niet beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Afdrukken

Knoppen voor uitvouwen/samenvouwen afdrukken wanneer deze worden weergegeven in een draaitabel Schakel deze optie in of uit om knoppen voor uitvouwen en samenvouwen weer te geven of te verbergen wanneer u een draaitabel afdrukt. Dit selectievakje is niet beschikbaar als u het selectievakje Analyseknoppen weergeven op het tabblad Weergave van dit dialoogvenster hebt uitgeschakeld.

Rijlabels herhalen op elke afgedrukte pagina Schakel deze optie in of uit om de huidige itemlabels van het rijlabelgebied op elke pagina van een afgedrukte draaitabel te herhalen.

Afdruktitels instellen Schakel deze optie in of uit om het herhalen van rij- en kolomveldkoppen en kolomitemslabels op elke afgedrukte pagina van een draaitabel in of uit te schakelen. Hiermee kunt u alleen afdrukken. Dit verandert niet wat u op het werkblad ziet.

Opmerking

Als u de labels daadwerkelijk wilt afdrukken, moet u waarden invoeren in het vak Rijen bovenaan op elke pagina of Kolommen links op elke pagina onder de sectie Titels afdrukken op het tabblad Blad van het dialoogvenster Pagina-instelling. Klik hiertoe op het tabblad Pagina-indeling, in de groep Pagina-instelling, op Titels afdrukken.

Gegevens

Sectie Draaitabelgegevens

Brongegevens bij bestand opslaan Schakel dit selectievakje in of uit als u de gegevens van de externe gegevensbron al dan niet met de werkmap wilt opslaan.

Opmerking

  • Deze instelling mag niet worden gebruikt voor het beheren van gegevensprivacy.
  • Deze instelling is ook niet beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Details weergeven inschakelen Schakel in- of uit om inzoomen in te schakelen op gegevens uit de gegevensbron en vervolgens de gegevens weer te geven op een nieuw werkblad.

Opmerking

Deze instelling is niet beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Gegevens vernieuwen bij het openen van het bestand Schakel deze optie in of uit om de gegevens te vernieuwen of niet te vernieuwen wanneer u de Excel-werkmap opent die deze draaitabel bevat.

Opmerking

Deze instelling is niet beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Sectie Items behouden die uit de gegevensbron zijn verwijderd

Aantal items per veld dat behouden moet blijven Selecteer een van de volgende opties om het aantal items op te geven dat voor elk veld in de tijdelijke cache bij de werkmap moet worden opgeslagen:

  • Automatisch Het standaardaantal unieke items voor elk veld.
  • Geen Geen unieke items voor elk veld.
  • Max Het maximum aantal unieke items voor elk veld. U kunt maximaal 1.048.576 items opgeven.

Opmerking

Deze instelling is niet beschikbaar voor een OLAP-gegevensbron.

Wat-als-analysesectie

Celbewerking inschakelen in het waardengebied Hiermee kunt u samengevatte waarden in een OLAP-draaitabel bewerken.

Groep Stijlen

Titel en beschrijving Titels en beschrijvingen bieden alternatieve, op tekst gebaseerde weergaven van de informatie in de tabellen. Deze informatie is nuttig voor mensen met een visuele of cognitieve beperking die de tabel mogelijk niet kunnen zien of begrijpen. Een titel kan worden voorgelezen aan een persoon met een beperking en wordt gebruikt om te bepalen of hij of zij de beschrijving van de inhoud wil horen.