Uw cd- of dvd-station wordt niet herkend door Windows of andere programma's

Van toepassing: Windows 10Windows 8.1Windows 8 Meer

Symptomen


Uw cd- of dvd-station is niet zichtbaar in Bestandenverkenner (Windows Verkenner genoemd in Windows 7 en eerdere versies van Windows) en het apparaat is gemarkeerd met een geel uitroepteken in Apparaatbeheer. Als u het dialoogvenster Eigenschappen van het apparaat hebt geopend, wordt een van de volgende fouten weergegeven in het gebied Apparaatstatus:
  • Windows kan dit apparaat niet starten omdat de configuratiegegevens in het register onvolledig of beschadigd zijn. (Code 19)
  • Het apparaat werkt niet goed omdat Windows de voor dit apparaat benodigde stuurprogramma's niet kan laden. (Code 31)
  • Een stuurprogramma(service) voor dit apparaat is uitgeschakeld. Deze functionaliteit wordt mogelijk door een ander stuurprogramma geleverd. (Code 32)
  • Windows kan het apparaatstuurprogramma voor dit apparaat niet in het geheugen laden. Mogelijk is het stuurprogramma beschadigd of het ontbreekt. (Code 39)
  • Windows heeft het apparaatstuurprogramma voor dit apparaat in het geheugen geladen, maar kan het apparaat zelf niet vinden. (Code 41)
Dit probleem kan optreden in een van de volgende situaties:
  • U voert een upgrade uit van het Windows-besturingssysteem.
  • U installeert of verwijdert programma's voor het opnemen van cd's of dvd's.
  • U verwijdert Microsoft Digital Image.

Er zijn verschillende redenen waarom een cd- of dvd-station niet wordt herkend. De oplossingen in dit artikel kunnen u soms, maar niet altijd, helpen bij het oplossen van dit probleem.

Oplossing


Methode 1: Windows 7 en 8.1 - De probleemoplosser voor hardware en apparaten gebruiken

 

Voor Windows 10 gaat u verder naar methode 2.

Voer de volgende stappen uit in Windows 7 en 8.1 om de probleemoplosser voor hardware en apparaten te openen:

  1. Druk op de Windows-logotoets+R om het dialoogvenster Uitvoeren te openen.
  2. Typ control in het dialoogvenster Uitvoeren en druk vervolgens op Enter.
  3. Typ probleemoplosser in het vak Zoeken in het Configuratiescherm en klik vervolgens op Probleemoplossing.
  4. Klik onder het item Hardware en geluiden op Een apparaat configureren. Als om het administratorwachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of bevestigt u uw keuze.

Als het probleem niet is opgelost, gaat u verder met de volgende methode.

Methode 2: BIOS-instellingen en chipsetstuurprogramma's controleren

  1. Controleer of het stuurprogramma is geactiveerd in het BIOS. BIOS-systemen verschillen per apparaat. Als u niet zeker weet hoe u de stuurprogramma-instellingen in het BIOS van uw apparaat kunt controleren, neemt u contact op met de fabrikant van uw apparaat.
  2. Vraag ook aan de fabrikant van de computer of het stuurprogramma is meegeleverd, of vraag de fabrikant van het stuurprogramma (als dit afzonderlijk is aangeschaft) of de chipset-stuurprogramma's voor het apparaat up-to-date zijn. 

Als het probleem niet is opgelost, gaat u verder met de volgende methode.

Methode 3: Het stuurprogramma bijwerken of opnieuw installeren 

Als u het stuurprogramma wilt bijwerken, zoekt u het stuurprogramma op de website van de fabrikant van het apparaat en volgt u de installatie-instructies op de website.

Ga als volgt te werk om het stuurprogramma opnieuw te installeren:

  1. Druk op de Windows-logotoets+R om het dialoogvenster Uitvoeren te openen.
  2. Typ devmgmt.msc in het dialoogvenster Uitvoeren en druk vervolgens op Enter. Als u naar een beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of selecteert u Toestaan.
  3. Vouw in Apparaatbeheer het item Dvd-/cd-rom-stations uit, klik met de rechtermuisknop op een cd- of dvd-apparaat en selecteer vervolgens Installatie ongedaan maken.
  4. Selecteer OK wanneer u wordt gevraagd om te bevestigen dat u het apparaat wilt verwijderen.
  5. Start de computer opnieuw op.

Nadat de computer opnieuw wordt opgestart, worden de stuurprogramma's automatisch opnieuw geïnstalleerd.

Als het probleem niet is opgelost, gaat u verder met de volgende methode.

Methode 4: IDE/ATAPI-stuurprogramma's verwijderen en opnieuw installeren 

Ga als volgt te werk om het IDE/ATAPI-stuurprogramma te verwijderen en opnieuw te installeren:

  1. Zoek vanuit Start op Apparaatbeheer. Open Apparaatbeheer vanuit de zoekresultaten en selecteer het menu Beeld. Kies Verborgen apparaten weergeven.
  2. Vouw IDE/ATAPI-controllers uit en:
    • Selecteer en klik met de rechtermuisknop op ATA Channel 0 en klik op Installatie ongedaan maken
    • Selecteer en klik met de rechtermuisknop op ATA Channel 1 en klik op Installatie ongedaan maken
    • Selecteer en klik met de rechtermuisknop op Standard Dual Channel PCI IDE Controller en klik op Installatie ongedaan maken
    • Als er aanvullende vermeldingen zijn, klikt u hierop met de rechtermuisknop en kiest u Installatie ongedaan maken
  3. Start het apparaat opnieuw op.

Nadat de computer opnieuw wordt opgestart, worden de stuurprogramma's automatisch opnieuw geïnstalleerd.

Als het probleem niet is opgelost, gaat u verder met de volgende methode.

Methode 5: Beschadigde registervermeldingen repareren 

Dit probleem kan worden veroorzaakt door twee Windows-registervermeldingen die beschadigd zijn geraakt. Als u de beschadigde registersleutel wilt verwijderen met de Register-editor, gaat u als volgt te werk:

  1. Druk op de Windows-logotoets+R om het dialoogvenster Uitvoeren te openen.
  2. Typ regedit in het dialoogvenster Uitvoeren en druk vervolgens op Enter. Als u naar een beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of selecteert u Toestaan.
  3. Zoek in het navigatievenster naar de volgende registersubsleutel en selecteer vervolgens deze registersubsleutel:
    HKEY_LOCAL_MACHINE\SYSTEM\CurrentControlSet\Control\Class\{4D36E965-E325-11CE-BFC1-08002BE10318}
  4. Selecteer in het rechterdeelvenster UpperFilters.

    Opmerking Mogelijk wordt ook de registervermelding UpperFilters.bak weergegeven. Als dat het geval is, hoeft u die vermelding niet te verwijderen. Klik alleen op UpperFilters. Als de registervermelding UpperFilters niet wordt weergegeven, moet u mogelijk toch de registervermelding LowerFilters verwijderen. Hiertoe gaat u verder met stap 7.
  5. Open het menu Bewerken en selecteer Verwijderen.
  6. Selecteer Ja wanneer u wordt gevraagd de verwijdering te bevestigen.
  7. Selecteer in het rechterdeelvenster LowerFilters.

    Opmerking Als u de registervermelding LowerFilters niet ziet, gaat u naar de volgende methode.
  8. Open het menu Bewerken en selecteer Verwijderen.
  9. Selecteer Ja wanneer u wordt gevraagd de verwijdering te bevestigen.
  10. Sluit de Register-editor af.
  11. Start de computer opnieuw op.

Opmerking Voor deze methode moet u bij Windows zijn aangemeld als administrator. Om te controleren of u bent aangemeld als administrator, opent u het Configuratiescherm, selecteert u Gebruikersaccounts en kiest u Gebruikersaccounts beheren.

Belangrijk:

  • Volg de stappen in deze sectie zorgvuldig. Als u het register onjuist bewerkt, kunnen er grote problemen optreden. Maak, voordat u het register wijzigt, een back-up van het register, zodat u het kunt herstellen in geval van problemen.
  • Nadat u deze methode hebt geprobeerd, kunnen sommige apps, zoals software voor het opnemen van cd's of dvd's, mogelijk niet correct werken. Als dit het geval is, probeert u de betreffende app te verwijderen en opnieuw te installeren. Neem contact op met de maker van de app om te controleren of er een bijgewerkte versie beschikbaar is.

Als het probleem niet is opgelost, gaat u verder met de volgende methode.

Methode 6: Een subsleutel maken in het register 

Ga als volgt te werk om de subsleutel te maken:

  1. Druk op de Windows-logotoets+R om het vak Uitvoeren te openen.
  2. Typ regedit in het vak Uitvoeren en druk vervolgens op Enter. Als u naar een beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of selecteert u Toestaan.
  3. Zoek in het navigatiedeelvenster de volgende registersubsleutel:
    HKEY_LOCAL_MACHINE\SYSTEM\CurrentControlSet\Services\atapi
  4. Klik met de rechtermuisknop op atapi, wijs Nieuw aan en klik op Sleutel.
  5. Typ Controller0 en druk op Enter.
  6. Klik met de rechtermuisknop op Controller0, wijs Nieuw aan en selecteer DWORD (32 bits)-waarde.
  7. Typ EnumDevice1 en druk op Enter.
  8. Klik met de rechtermuisknop op EnumDevice1 en selecteer Wijzigen....
  9. Typ 1 in het vak Waardegegevens en selecteer OK.
  10. Sluit de Register-editor af.
  11. Start de computer opnieuw op.

Opmerkingen

  • Als u deze methode wilt gebruiken, moet u als beheerder bij Windows zijn aangemeld.  Om te controleren of u bent aangemeld als administrator, opent u het Configuratiescherm, selecteert u Gebruikersaccounts en kiest u Gebruikersaccounts beheren.
  • Deze methode moet worden gebruikt in Windows 7, Windows 8 of 8.1 of Windows 10 versie 1507. De problemen die met deze methode zijn opgelost, zouden niet moeten voorkomen in Windows 10 1511 of hoger.

Belangrijk: Volg de stappen in deze methode zorgvuldig. Als u het register onjuist bewerkt, kunnen er grote problemen optreden. Maak een back-up van het register voordat u het register wijzigt, zodat u het kunt herstellen in geval van problemen.