Instellingen voor het mobiele netwerk en de simkaart

Via de instellingen Mobiel netwerk & simkaart beheert u de instellingen voor het mobiele netwerk voor uw telefoon, waaronder uw mobiele dataverbinding. Meestal hoeft u niets te wijzigen als de verbinding werkt naar behoren. Als u echter problemen hebt met de mobiele verbinding, kan het helpen om een of meer instellingen te wijzigen.

Tik in de lijst met apps op Instellingen

Settings Icon
> Mobiel netwerk & simkaart om de instellingen Mobiel netwerk & simkaart te openen.

Instelling Functie

Actief netwerk

Hier wordt de naam weergegeven van het mobiele netwerk dat uw telefoon gebruikt.

Als u naar deze instelling wilt gaan op een telefoon met twee simkaarten, tikt u in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart 1 of Instellingen voor simkaart 2.

Dataverbinding

Schakelt de mobiele dataverbinding in of uit. U kunt de verbinding uitschakelen om verschillende redenen, bijvoorbeeld om uw dataverbruik te beperken als u een abonnement met bundel hebt of om te zorgen dat de accu wat langer meegaat.

Als de verbinding is uitgeschakeld, kunt u nog steeds telefoongesprekken plaatsen en ontvangen, en sms-berichten verzenden en ontvangen. U kunt echter niet browsen op het web, online zoeken, e-mail ontvangen of verzenden of bijgewerkte informatie voor apps downloaden, tenzij u met een Wi-Fi-netwerk bent verbonden. Wanneer de mobiele dataverbinding is uitgeschakeld, kunt u geen mms-berichten (sms-berichten met afbeeldingen of andere bestanden) verzenden of ontvangen.

Bij beperkte Wi-Fi-verbinding

Hiermee bepaalt u of uw telefoon de mobiele dataverbinding in plaats van Wi-Fi moet gebruiken wanneer de telefoon verbonden is met een Wi-Fi-netwerk met beperkte verbindingsmogelijkheden, bijvoorbeeld wanneer uw telefoon verbonden is met een Wi-Fi-netwerk, maar geen verbinding met internet kan maken via die verbinding.

  • Mobiele data gebruiken. Als de Wi-Fi-verbinding beperkte verbindingsmogelijkheden biedt, gebruikt uw telefoon gegevensverkeer en kunt u op uw telefoon dingen blijven doen waarvoor u een internetverbinding nodig hebt. Dit beïnvloedt het verbruik van uw data-abonnement en kan kosten met zich meebrengen.
  • Geen mobiele data gebruiken. Uw mobiele data worden niet gebruikt als de Wi-Fi-verbinding beperkt is. Wanneer dit het geval is, kunt u op uw telefoon geen dingen doen waarvoor u internet nodig hebt.

Als u over deze instelling wilt beschikken, moet uw telefoon de Windows Phone-softwareversie 8.0.10211.204 of later hebben.           

Opties voor spraakroaming

Bepaalt of u telefoongesprekken kunt voeren en sms-berichten kunt verzenden wanneer uw telefoon zich buiten het netwerk van uw mobiele provider bevindt. Als u de optie op Niet roamen laat staan, voorkomt u dat er kosten in rekening worden gebracht voor spraakroaming. Als deze waarde is ingesteld, kunt u geen gesprekken voeren of sms-berichten verzenden in een roaminggebied. U kunt wel gebeld worden en sms-berichten ontvangen. Controleer uw telefoonabonnement voor meer informatie over hoe en wanneer er extra kosten in rekening kunnen worden gebracht.

Als u roaming wel toestaat, kunt u oproepen plaatsen en sms-berichten verzenden buiten het netwerk van uw mobiele provider. Afhankelijk van uw telefoonabonnement betaalt u mogelijk meer voor deze oproepen en sms-berichten. U kunt kiezen welk soort roaming u wilt toestaan—Binnenlands of Binnenlands en internationaal.

Simkaart voor dataverbinding

Bepaalt welke simkaart wordt gebruikt voor de mobiele dataverbinding. U kunt de simkaart kiezen die u wilt gebruiken voor mobiele data om de datakosten in de hand te houden. U kunt bijvoorbeeld een simkaart kiezen in plaats van een andere omdat u daarbij minder kosten kwijt bent aan gegevensverkeer.

Deze instelling is alleen beschikbaar op Windows Phones met twee simkaarten en Windows Phone 8.1.

Opties voor dataroaming

Hiermee bepaalt u of uw dataverbinding ingeschakeld blijft wanneer de telefoon zich buiten het netwerk van uw mobiele provider bevindt. Als u de optie op Niet roamen laat staan, voorkomt u dat er kosten in rekening worden gebracht voor dataroaming.

Als u roaming wel toestaat, kunt u mobiele data gebruiken wanneer uw telefoon zich in een roaminggebied bevindt. Afhankelijk van uw telefoonabonnement betaalt u mogelijk meer voor uw datagebruik bij roaming. Bij bepaalde mobiele providers kunt u opgeven welke soort dataroaming u wilt toestaan—Binnenlands of Binnenlands en internationaal.

3G-verbinding

Hiermee bepaalt u of uw telefoon een 3G- of een 2G-verbinding gebruikt.

Als u deze instelling hebt Ingeschakeld

Toggle On Icon
, gebruikt uw telefoon een 3G-verbinding wanneer die beschikbaar is. Wanneer deze instelling is Uitgeschakeld
Toggle Off Icon
, gebruikt uw telefoon een 2G-verbinding die langzamer is, maar waarmee u ook batterijvermogen kunt besparen.

Deze instelling is alleen beschikbaar op Windows Phones met twee simkaarten en Windows Phone 8.1.

Achtergrondgegevens beperken

Hiermee wordt onder bepaalde omstandigheden de hoeveelheid achtergrondgegevens beperkt, zoals wanneer u aan het roamen bent. Veel apps en functies worden regelmatig bijgewerkt zonder dat u daarvoor iets hoeft te doen. Een mail-app kan bijvoorbeeld elke paar minuten bij een mailserver controleren of er nieuwe berichten in uw Postvak IN zijn. Alle gegevens die op deze manier worden gebruikt, worden achtergrondgegevens genoemd en kunnen een probleem vormen als u probeert het overschrijden van uw datalimiet te beperken.

  • Achtergrondgegevens altijd beperken. Uw telefoon beperkt het gebruik van achtergrondgegevens.
  • Achtergrondgegevens beperken tijdens roamen. Uw telefoon beperkt het gebruik van achtergrondgegevens als uw telefoon zich in een roaminggebied bevindt.

Als u een van deze instellingen inschakelt, wacht uw telefoon op een Wi-Fi-verbinding om achtergrondtaken uit te voeren.

Naam van de simkaart

Typ een beschrijvende naam voor de simkaart aan de hand waarvan u deze kunt herkennen.

Op een telefoon met dubbele simkaart kunt u hierdoor de simkaarten uit elkaar houden, zodat u weet met welke simkaart mobiele data worden gebruikt en met welke u belt of sms’t. De simkaartnamen worden weergegeven op verschillende locaties op uw telefoon, zoals de tegels Telefoon en Berichten, bij uw contactpersonen voor de simkaart en in Instellingen voor het mobiele netwerk en de simkaart.

Tik in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart om deze instelling te openen. Tik in een telefoon met twee simkaarten op Instellingen voor simkaart 1 en Instellingen voor simkaart 2 om elke simkaart een naam te geven.

Simkaartstatus

Hiermee schakelt u de simkaart in of uit. Wanneer de simkaart is Ingeschakeld

Toggle On Icon
, kunt u de simkaart op uw telefoon bijvoorbeeld gebruiken voor bellen, sms'en en de mobiele dataverbinding. Als u de simkaart instelt op Uitgeschakeld
Toggle Off Icon
, kunt u met die simkaart niet bellen, sms'en of de mobiele dataverbinding gebruiken. Als u de simkaart uitschakelt, kunt u echter wel onverwachte extra kosten voorkomen en kosten voor uw dataverbruik op uw telefoon beperken. Als er een Wi-Fi-netwerk is waarmee u verbinding kunt maken, kunt u dat gebruiken voor uw dataverbinding.

Tik in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart 1 of Instellingen voor simkaart 2 om deze instelling te openen.

Deze instelling is alleen beschikbaar op Windows Phones met twee simkaarten en Windows Phone 8.1.

Modus selecteren

Hiermee bepaalt u welk mobiel netwerk uw telefoon gebruikt. Uw telefoonmodel en uw mobiele provider bepalen met welke netwerken uw telefoon verbinding kan maken.

Tik in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart om deze instelling te openen.

Hoogste verbindingssnelheid

Bepaalt de hoogste verbindingssnelheid die uw telefoon kan gebruiken. Als u de hoogste verbindingssnelheid kiest, gebruikt uw telefoon die mobiele verbinding wanneer die beschikbaar is. Is er een minder sterk signaal voor dat snellere netwerk beschikbaar, dan verbruikt uw telefoon mogelijk meer batterijvermogen om te zoeken naar dit netwerk of verbonden te blijven met dit netwerk.

Wanneer u een lagere verbindingssnelheid kiest, kan uw mobiel verbinden met een langzamer mobiel netwerk dat een sterker signaal kan hebben. Hierdoor kunt u ook de batterij besparen.

Tik in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart om deze instelling te openen.

Netwerktype

Hiermee bepaalt u hoe uw telefoon verbinding probeert te maken als uw eigen providernetwerk niet beschikbaar is.

  • Automatisch. Standaardinstelling. De telefoon probeert verbinding te maken met het beste mobiele netwerk. Als uw thuisnetwerk niet beschikbaar is, probeert de telefoon verbinding te maken met een ander beschikbaar netwerk.
  • Alleen thuisnetwerk. Uw telefoon maakt alleen verbinding met uw eigen mobiele netwerk. Hiermee voorkomt u roaming wanneer uw eigen providernetwerk niet beschikbaar is.

Tik in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart om deze instelling te openen.

Netwerkselectie

Hier ziet u een lijst met beschikbare netwerken in het huidige gebied en kunt u met een van die netwerken verbinding maken. De standaardinstelling is Automatisch.

Als u de telefoon inschakelt en er een bericht wordt weergegeven dat het geselecteerde netwerk niet beschikbaar is, kunt u hier een ander netwerk selecteren.

Tik in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart om deze instelling te openen.

APN voor internet toevoegen

Een APN (Access Point Name) is het adres dat uw telefoon gebruikt om verbinding te maken met internet. Standaard worden APN's voor internet automatisch ingesteld wanneer uw telefoon de eerste keer wordt geconfigureerd.

Als uw mobiele dataverbinding niet werkt, probeert u een nieuwe APN voor internet in te voeren op basis van uw locatie en de mobiele provider. Als u verbinding kunt maken met een Wi-Fi-netwerk op uw telefoon of als u zich in de buurt van uw computer bevindt, kunt u online zoeken naar de APN-instellingen voor internet van uw mobiele provider.

Ga als volgt te werk om een APN voor internet toe te voegen

U moet een adres invoeren in het vak APN. De overige instellingen zijn optioneel en afhankelijk van uw mobiele provider.

  1. Tik in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart > APN voor internet toevoegen.

    Als u een telefoon met twee simkaarten hebt, tikt u in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart 1 of Instellingen voor simkaart 2, afhankelijk van welke simkaart u gebruikt voor uw mobiele dataverbinding.

  2. Voer een of meer van de volgende handelingen uit:

    • Tik op APN en typ het adres voor de APN die u wilt gebruiken.
    • Tik op Gebruikersnaam en typ de gebruikersnaam voor uw mobiele account.
    • Tik op Wachtwoord en typ het wachtwoord voor uw mobiele account.
    • Tik op Type authenticatie en tik vervolgens op de authenticatiemethode die wordt gebruikt voor uw mobiele account.
    • Tik op Proxyserver (URL) en typ het adres van de proxyserver voor uw mobiele account.
    • Tik op Proxypoort en typ het poortnummer.
    • Selecteer IP-type en kies vervolgens het type IP-adres dat moet worden gebruikt.
  3. Tik op Opslaan

    Save Icon
    .

APN voor mms toevoegen

Het toegangspuntnaam (APN) voor mms is het adres dat uw telefoon gebruikt om mms-berichten te verzenden en ontvangen. APN's voor mms worden ook automatisch ingesteld wanneer uw telefoon de eerste keer wordt geconfigureerd.

Als u geen mms-berichten kunt verzenden of ontvangen, voert u een nieuwe APN voor mms in op basis van uw locatie en mobiele provider. Op uw telefoon of computer kunt u online zoeken naar de APN-instellingen voor mms voor uw mobiele provider.

Een APN voor mms toevoegen

Geef een adres op in de vakken APN en MMSC (URL). De overige instellingen zijn optioneel en afhankelijk van uw mobiele provider.

  1. Tik in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart > APN voor mms toevoegen.

    Als u een telefoon met twee simkaarten hebt, tikt u in Instellingen > Mobiel netwerk & simkaart op Instellingen voor simkaart 1 of Instellingen voor simkaart 2, afhankelijk van welke simkaart u gebruikt voor uw mobiele dataverbinding.

  2. Voer een of meer van de volgende handelingen uit:

    • Tik op APN en typ het adres voor de APN voor mms die moet worden gebruikt.
    • Tik op Gebruikersnaam en typ de gebruikersnaam voor uw mobiele account.
    • Tik op Wachtwoord en typ het wachtwoord voor uw mobiele account.
    • Tik op Type authenticatie en tik vervolgens op de authenticatiemethode die wordt gebruikt voor uw mobiele account.
    • Tik op WAP-gateway (URL) en typ het adres van de WAP-gateway die moet worden gebruikt.
    • Tik op Poort WAP-gateway en typ het poortnummer voor de WAP-gateway.
    • Tik op MMSC (URL) en typ het adres, dat begint met http://, van het MMS-centrum (MMSC) voor uw mobiele provider.
    • Tik op MMSC-poort en typ het poortnummer voor MMSC.
    • Tik op Maximale MMS-grootte en typ de maximale grootte (in KB) van een mms-bericht dat u kunt verzenden.
    • Tik op IP-type en kies vervolgens het type IP-adres dat moet worden gebruikt.
  3. Tik op Opslaan

    Save Icon
    .

  

Eigenschappen

Artikel-id: 10652 - Laatst bijgewerkt: 17 mei 2016 - Revisie: 5

Feedback