Geeft als resultaat het restgetal bij de deling van een getal door een deler. Het restgetal en de deler zijn beide positief of negatief.
Syntaxis
REST(getal,deler)
Getal is het getal waarvoor u het restgetal wilt bepalen.
De deler is het getal waardoor u getal wilt delen.
Opmerkingen
- Als deler gelijk aan 0 is, geeft REST de foutwaarde #DEEL/0! als resultaat.
- Tussen de functie REST en de functie INTEGER bestaat de volgende relatie:
MOD(n, d) = n - d*INT(n/d)
Voorbeelden
| Formule | Beschrijving (resultaat) |
|---|---|
| =REST(3;2) | Het restgetal van 3/2. (1) |
| =REST(-3;2) | Het restgetal van -3/2. De deler en het resultaat zijn beide positief of negatief. (1) |
| =REST(3;-2) | Het restgetal van 3/-2. De deler en het resultaat zijn beide positief of negatief. (-1) |
| =REST(-3;-2) | Het restgetal van -3/-2. De deler en het resultaat zijn beide positief of negatief. (-1) |